Op de grind- en leemrijke bodems van Toscane krijgt Sangiovese zijn typische expressie: frisheid, levendige zuren, aroma’s van rood fruit zoals kersen en frambozen, aangevuld met florale en kruidige tonen, soms met een hint van aarde of tabak. Vinificatie gebeurt doorgaans in roestvrijstaal om het fruit te behouden, soms gevolgd door een korte rijping op hout voor subtiele structuur.
Een Chianti zoals deze is zeer veelzijdig aan tafel. Hij past uitstekend bij Toscaanse klassiekers zoals bistecca alla fiorentina, ragù van wild zwijn (cinghiale), maar ook bij gegrilde groentes, risotto met paddenstoelen, en stevigere pastagerechten met tomaat of kruiden.